Door op 1 februari 2014

Welzijnswerk moet verantwoord worden voortgezet

Vanzelfsprekend vind ik het, dat subsidies aangewend worden voor die activiteiten zoals de raad die bedoeld heeft. Niettemin is het een zeer zwaar besluit van het college om de subsidie te onthouden aan een project als Fidessa. Wij trekken de zorgvuldigheid daartoe niet in twijfel. Ook zijn wij er van overtuigd, dat het zo niet verder kon.

Wel heb ik vragen aan het college over de voor ons zo abrupte beëindiging van de subsidie. Het geven van een rode kaart en het buitenspel zetten heeft vaak een voorgeschiedenis. Iedere keer bij de verantwoording in het jaarverslag en bij de indiening van de begroting vindt een herijking plaats. Onze vraag is: bleek de dramatische situatie van de stichting pas recentelijk in december of kwam dezelfde situatie ook al in het verleden tot uiting. Heeft het college toen – als dat het geval was – ook gewezen op de eventuele toekomstige consequenties voor de stichting? Waarom heeft het college toen al niet ingegrepen? Als in het verleden al de huidige negatieve spiraal inzette, dan kunnen we nu zeker spreken van een uitzichtloze situatie wat Fidessa betreft en er valt dan ook de stichting veel te verwijten door niet in te spelen op de ongewenste situatie en is het terecht, dat het college niet met de stichting verder wil. Nogmaals de PvdA wil een duidelijk antwoord op de vraag over wanneer het college van de moeilijkheden wist en hoe is er door college op ingespeeld? Of is er sprake van een donderslag bij helder hemel?

Voor de PvdA is het nu zaak, dat de voor ons belangrijke activiteiten gered worden en dat er voortgang plaats vindt op een manier dat gebruikers, maar ook voor hen die afhankelijk van de activiteiten zijn, niet de dupe worden. Het is van belang dat er een gestroomlijnde voortgang plaats vindt van de activiteiten en dat ook het huidige budget gehandhaafd blijft voor de activiteiten, die in het raadsvoorstel aangeduid worden als: vrijwilligersondersteuning, buurtbemiddeling, wijkgericht werken, ouderen- en jongerenwerk. Voor de PvdA gaat het primair om de activiteiten. Daarvoor worden beroepskrachten ingeschakeld en niet omgekeerd.

Wat het personeel betreft zijn we – inherent aan onze partij – niet gelukkig met een gedwongen functie als zzp-er. Wij zijn er echter van bewust, dat gezien de huidige situatie de activiteiten alleen op deze wijze gered kunnen worden. Daarom kunnen wij – zij het met moeite – accepteren in aanvang, dat het werk door zzp-ers gedaan wordt. De PvdA staat voor gezonde arbeidsverhoudingen, waarin de rechten en gerechtvaardigde verplichtingen goed verankerd liggen. Daarom dient er gestreefd te worden naar het inzetten van de huidige beroepskrachten op een volwaardige manier en wel diegenen die passen in het totale welzijnsbeleid nieuwe stijl. Van belang is dat de deskundigheid niet verloren gaat. Ook is van belang dat de welzijnswerkers feeling met onze burgers hebben en ook hun vertrouwen genieten. Vandaar hecht de PvdA er juist waarden aan de huidige stafleden, die binnen het geschetste raamwerk passen, weer in te zetten. Het is juist belangrijk, dat zij niet verloren gaan voor onze burgers.

Extra aandacht verdienen fenomenen als drugscriminaliteit, maar ook de loverboys. Deze ontwikkelingen bedreigen op een ernstige manier het leefklimaat van enige van onze wijken. Voor deze ontwikkeling kan geen pas op de plaats gemaakt worden en dient zonder enige onderbreking voortvarend aangepakt te worden. Ontsporing in deze leveren zeker voor de nabije toekomst grote nadelige gevolgen op. Wachten vermindert alleen maar de mogelijkheden tot bestrijden. Het is zaak dat deze groepen niet verder uitdijen.

Van essentieel belang is de coördinatie. In de huidige situatie wil de PvdA, dat de gemeente voorlopig de regie van, c.q. de aansturing op zich neemt voor de medewerkers, die in het welzijnswerk verder gaan. Voorkomen moet worden, dat deze beroepskrachten aan hun lot overgelaten worden. Belangrijk is om duidelijk te hebben wie wat doet. Voorkom zonder meer een onderlinge strijd over wie de activiteiten over gaat nemen. Geen massaal duiken in het nu ontstane gat. Een goede onderlinge afstemming is een must en dat mag niet overgelaten worden aan toevallige ontwikkelingen. Ook dient gestreefd te worden naar samenwerking met andere gemeente. Het streven dient gericht te zijn op hoe we de burgers nog meer van dienst kunnen zijn.

De communicatie is in de huidige situatie van uitzonderlijk belang. De burgers dienen te weten wat de nieuwe stijl welzijnswerken inhoudt. Waar en bij wie kunnen ze terecht. Openheid in deze voorkomt onrust en is een voorwaarde voor het optimaal tot bloei kunnen komen van de activiteiten. In die zin worden de subsidies zinvol en optimaal benut. De bereikbaarheid voor onze burgers is belangrijk. Daarbij hoort een laagdrempelige aanpak.

Wij weten partijen te waarderen, die oplossingen zoeken voor gerezen problemen en die een organisatie trachten te redden. Op het eerste gezicht geldt dit ook voor D’66. Bij nader bestudering van haar voorgestelde plan is het een loze oplossing, een uitstel van executie, een wegpompen van geld in een bodemloze put. Het betekent in werkelijkheid een zich onttrekken aan het nemen van verantwoording voor het doorgaan van activiteiten, omdat in haar voornemen het geld voor een groot gedeelte opgesoupeerd wordt aan overheadkosten. Elke vorm van een kritische benadering van het probleem ontbreekt. Het voorstel van D’66 gaat uit van geen enkele garantie of het geld wel ten goede komt aan de activiteiten. Er wordt nog eens € 100.000,- gestoken in een verloren project en daarnaast nog eens een gemeentelijk garantie van 50% van de kosten verstrekt voor een eventuele niet inpasbare medewerker. Terwijl er momenteel al activiteiten elders ondergebracht zijn, blijft D66 spreken over een korting van 33% zonder de niet meer door Fidessa uitgevoerde activiteiten financieel in mindering te brengen. Een merkwaardig rentmeesterschap. Er wordt veel geld geclaimd zonder, dat daar een product tegenover staat. Verder stoort het ons, dat het vingertje naar Sensire en Azora gewezen wordt als de instituten, die tot een constructieve en collegiale houding gedwongen moeten worden, alsof het hen deze eigenschappen ontbreekt. Wij houden er niet van om partijen tegenover elkaar uit te spelen. Dat gaat ons te kort door de bocht.

Ik wil nog eens extra accentueren onze zorg over de doorgang van de volgende activiteiten: vrijwilligersondersteuning, buurtbemiddeling, wijkgericht werken, ouderen- en jongerenwerk. Daarnaast wil de PvdA haar zorg onderstrepen voor het zich inzetten voor verantwoorde arbeidsvoorwaarden van het personeel.