Door Rob Wellink op 3 april 2015

Spiegel naar de toekomst

De afgelopen weken waren zeer onstuimig. Het opstappen van het college vormde de climax van een hele roerige periode die begon na de gemeenteraadsverkiezingen in 2014. De PvdA hoopt dat het oud zeer nu eindelijk eens achter ons gelaten kan worden en we vol goede moed aan de toekomst beginnen te werken. Het moet afgelopen zijn met het bloedvergieten. Omdat er, zoals fractievoorzitter Ton Menke al meldde, nog grote opgaven liggen te wachten. Denk alleen al aan de zorgtaken die naar de gemeenten zijn gegaan. Om dit mogelijk te maken, is het paardenmiddel met de naam motie van wantrouwen ingezet. Die motie werd ingezet bij de behandeling van het rapport-Verstand in de gemeenteraad. Het rapport werd door de voormalige staatssecretaris opgesteld om het functioneren van de gemeenteraad, het college en het ambtelijk apparaat eens kritisch te bekijken. De persoonlijke en politieke verschillen zitten erg diep en er zijn allerlei mensen beschadigd, ook onze mensen. Dat is vooral gebeurd tijdens de formatie na de gemeenteraadsverkiezingen in 2014. Echter, de manier waarop met dit rapport werd omgegaan, was de aanleiding voor het opstellen van de motie van wantrouwen. In eerste instantie hadden we samen met de SP, D66 en VVD, een motie van wantrouwen tegen het hele college voorbereid. Het college bestond uit twee wethouders van Lokaal Belang, één van het CDA en de burgemeester. De PvdA wilde uitdrukkelijk dat de motie over het hele college ging en niet alleen over de burgemeester, omdat de chemie tussen het college en de coalitiepartijen ontbrak. Er was geen goede basis meer. We hadden er ook geen vertrouwen in dat het college in de toekomst beter zou handelen. Tijdens de vergadering van de gemeenteraad kwam Lokaal Belang met hun eigen motie waarin stond dat de informatie opnieuw gedaan moest worden.

Beide moties hadden hetzelfde doel voor ogen, namelijk beginnen met de formatie van een nieuw college en daarbij de aanbevelingen van het rapport-Verstand volgen. Op deze manier kan het oud zeer uit het verleden verwerkt worden. Toch was de gemeenteraad zeer verdeeld en zou geen van beide moties een meerderheid halen. Steun je de ene motie, dan val je de indieners van de andere motie af en daarmee is er alweer een nieuwe verdeeldheid in de gemeenteraad geboren. Ton Menke stelde daarom aan de andere fractievoorzitters voor om het college te vragen of zij hun portefeuilles ter beschikking wilden stellen. Op deze wijze hoeft er niet op harde wijze met mensen afgerekend te worden en stoppen we met de persoonlijke afrekencultuur zoals mevrouw Verstand die opmerkte. Eelco van den Heuvel van de Gelderlander noemde dit ten onrechte gedraai van de PvdA. Ton Menke sprak namens alle fracties, want die wilden af van het beschadigen van personen en eindelijk een nieuwe start maken. Dat is ook steeds de inzet van de PvdA geweest.

Het college nam deze handschoen op en stelde de portefeuilles ter beschikking. Zij is nu demissionair en behandelt alleen nog lopende zaken. In de tussentijd wordt er gewerkt aan een nieuw college. Burgemeester Alberse vertrok per 1 april. Voor hem een persoonlijk drama, want hij heeft negen jaar lang onze gemeente gediend en deed dat als een verbinder, maar ook de beste stap met het oog op mogelijk maken van een frisse start voor het gemeentebestuur.
Afgelopen donderdag werd de heer Steven de Vreeze door de Commissaris van de Koning in Gelderland Cornielje tot waarnemend burgemeester benoemd. Hij zei bij zijn installatie meteen al dat hij het oude zeer niet eigen wilde maken.

Deze houding spreekt de PvdA erg aan en eigenlijk zijn wij ook niet voor het indienen van een dergelijke motie; dat past niet bij onze manier van doen. Wij spelen nooit op man, maar altijd op de bal. Zo hebben we ook als oppositiefractie gefungeerd: constructief en meedenkend op de inhoud. Want voor ons is er één leidend belang en dat is het algemene belang van de gemeente Oude IJsselstreek. Ons motto is dan ook: Samen sterk voor onze gemeente. Want zo is het wel: nu samen de schouders eronder en werken aan de toekomst van onze gemeente.

Het rapport-Verstand dient zo als een spiegel voor het bestuur van de gemeente. Die spiegel moet voorgehouden worden en op basis daarvan moet er lering getrokken worden uit het verleden waarmee we naar de goede weg naar de toekomst kunnen inslaan. Die toekomst is allang aangebroken. We hebben te maken met demografische ontwikkelingen, de nasleep van de economische crisis en de zorg die naar de gemeente is overgeheveld. Ook moet er een strategische agenda opgesteld worden, want waar willen we als gemeente op de lange termijn staan en wat zijn daarbij de grote uitdagingen? Het belangrijkste is misschien wel dat het aanzien van en het vertrouwen in de politiek in de Oude IJsseltreek zwaar beschadigd zijn. Dit hangt als een molensteen om de nek van het gemeentebestuur en kan het toekomstige functioneren zeer negatief beïnvloeden. Het is nu aan de gemeenteraad om dit te verbeteren, want als je met één vinger wijst, wijzen er drie naar jezelf. De (in)formatie van het nieuwe college moet in goed vertrouwen plaatsvinden anders wordt er alsnog geen frisse start gemaakt en beklijft het oud zeer.